Ervaringsdeskundige

Voordat mijn boek uitkwam had ik gezegd, ik geef interviews en ik ga nergens op de foto. Wat ik met mijn boek wilde bereiken was meer openheid, dat mensen gingen nadenken, bewustwording en steun. Maar vooral het zwijgen doorbreken. Tja bedacht ik me toen als ik dan anoniem blijf spreek ik mijn eigen doelstellingen dus tegen. En dus gaf ik wel interviews en ging op de foto. Er kwamen ongelofelijk veel positieve reacties binnen en langzaam groeide het idee dat ik hier meer mee wilde doen. Nu 5 jaar later weet ik het zeker ik wil als ervaringsdeskundige mijn verleden omzetten in inspiratie, stimulatie en nog steeds bewustwording en steun.

3 weken geleden ben ik begonnen aan de cursus werken met eigen ervaring.  Het is niet alleen meer dromen ik wil nu concreet verder hiermee. Ik zit zo op mijn plek bij deze cursus. Afgelopen vrijdag was het mijn beurt mijn ervaringsverhaal te vertellen. En bloos wat een mooie en stimulerende reacties heb ik gekregen. Er werd bevestigd dat ik op de juiste weg ben en dat dit mijn weg is. Ik ben hier nu ook aan toe. Ben in staat naar mezelf te kijken zoals je nogal eens moet in deze cursus. Nee ik vind het niet moeilijk eerder interessant en stimulerend.

Ik wil mensen bereiken, handvaten bieden, inzicht geven. Ik weet nog heel goed hoe ik me op mijn donkerste momenten voelde, hoe ik me als kind voelde. Wat invloed op me gehad heeft zowel negatief als positief. Ik hoop dat gevoel te mogen vertalen in woorden en te vertellen. Mijn verleden kan ik nooit veranderen. Dat ligt er en zal altijd deel van me uitmaken, heeft me ook gevormd tot wie ik nu ben. Hoe ik er in de toekomst mee om ga kan ik wel beïnvloeden, daarin keuzes maken. De regie ligt niet meer bij anderen, deze ligt bij mij gelukkig.

Mijn verhaal is niet uniek, dat is ook het trieste eraan. Naast mij staan veel te veel anderen die dit ook mee moesten maken. Voor hen die nog geen woorden hebben wil ik er ook staan. En voor al die kinderen die dit nu meemaken. Misschien kan ik voor een van hen het verschil maken. Ook als ervaringsdeskundige sta ik niet alleen. Verschillende vertellen al hun verhaal overal in het land. Samen kunnen we iets betekenen. Diep respect voor hen die dit doen. Maar evenveel respect voor hen die nog geen woorden hebben, die een loodzware strijd leveren. Ik ben trots op hen allemaal.

Ik hoop dat we elkaar in de toekomst tegen komen dat ik jou mijn verhaal mag vertellen, ons verhaal. Ik hoop dat je dan luistert en me echt hoort en ziet. Hoor je mij, zie je mij dan zie je met mij de vele anderen die ook een verhaal hebben te vertellen. Tot in de toekomst?

Angélique

De lente van mijn leven

Het is weer lente, wat vind ik dat een geweldig seizoen. Je ziet langzaam weer alles groen worden, de eerste bloemen verschijnen en steeds vaker is er een vrolijk zonnetje. Er zijn jaren geweest dat ik de lente niet eens zag, zo donker was het in mijn hoofd. Maar sinds ik het roer heb opgegooid en andere hulpverleners heb gekozen en vrijwilligerswerk gaan doen en natuurlijk hulphond Dirk heb gekregen is dat helemaal anders. Ik zuig de lente op.

Over een paar weken wordt ik 48 en ik voel me in de lente van mijn leven. Vrijdag ga ik beginnen met de cursus werken met eigen ervaring, ervaringsdeskundige zijn dat is wat ik wil. Maar niet alleen, ik ben heel veel meer. Ook mijn bestuursfunctie in de wijkraad is voor mij belangrijk. Heeft helemaal niets met mijn verleden te maken en juist die balans vind ik fijn. Mijn verleden betekenis geven en aan de andere kant een functie waarin mijn verleden er niets toe doet.

Mijn geest werkt ook niet meer in het donker, waar ik vroeger dacht bij problemen wat moet ik nu? Denk ik nu in oplossingen. Zoals te horen krijgen dat je rug naar de knoppen is. Vervelend ja maar hoe verder. Binnen 3 weken had ik een scootmobiel en nu toer ik heerlijk door de wijk met Dirk en de scoot en geniet daar weer volop van. In plaats van minder vrijheid heb ik juist meer vrijheid gekregen. Ik kon immers al bijna 2 jaar niet meer wandelen en nu kan ik weer erop uit.

Ik zie ook niet meer zo op tegen feestdagen. Dat zijn en blijven akelige herinneringen. Dan was je vader-dader thuis en dat betekende dus extra misbruikt worden. Er werd wel heerlijk eten op tafel gezet, mijn vader-dader eiste altijd een 3 gangen diner van mijn moeder-dader. Nu kon zij geweldig koken dus het was heerlijk maar de sfeer was kil tot op het bot en gespannen en onveilig. Nu hebben mijn man en ik eerste paasdag brood met zelfgemaakte salades nee geen 3 gangen diner. Maar wel een heerlijke ontspannen en veilige sfeer en dat is veel meer waard. Heerlijk samen zijn en van elkaar genieten. Dat kan, dat mag en ik laat dat ook binnenkomen.

Ik heb heel wat lentes gemist omdat het zo stormde van binnen en alles zo donker was. Er kon geen licht bij. Mijn lichaam, mijn hoofd herinnerde zich al het misbruik en de mishandelingen en ik kon daar niet uit komen. Dat is voorbij, de lente stroomt in mijn lijf en hoofd. Mijn leven is weer van mij!!

Vrijheid

Mijn generatie leeft in vrijheid, we kennen geen oorlog alleen uit de verhalen van opa’s en oma’s, uit boeken en films en uit de lessen van school. Toch heb ik een groot deel van mijn leven geen vrijheid gekend. De eerste 25 jaar bestonden uit misbruik, mishandeling, agressie. Ik had geen vrijheid van keuze, er werd voor mij beslist tot in de details. Wat ik aanhad, met wie ik wel en niet mocht omgaan. Hoe ik mijn tijd besteedde tot aan hoe ik moest denken en handelen. Door het misbruik zat ik gevangen in mijn lijf, het werd genomen ik had daar niets over te zeggen. Ook mijn geest zat gevangen, ik had geen eigen wil, smaak of gedachtes meer.

Toen dan eindelijk het misbruik stopte zat ik opnieuw gevangen. In mijn hoofd ging het door. Zijn stem bleef doorklinken, nachtmerries, herbelevingen. Je kunt het kind uit de misbruik situatie halen maar het misbruik niet uit het kind. Een moeizaam gevecht met name tegen mezelf begon en ik voelde me alles behalve vrij. Keuzes maken was een hel bij alles dacht ik wat zou hij willen. Beetje bij beetje won ik terrein. In kleine dingen zoals nee ik ga nu niet poetsen ik ga een boek lezen. Het eten is niet precies om half zes klaar het word zes uur. Kleren kopen die hij niet mooi vind maar waarvan ik net ontdekt heb dat ik het wel mooi vind. Ik neem een kat terwijl hij een bloedhekel aan katten had. En ga zo maar door.

Nu zoveel jaren later voel ik me eindelijk vrij. Vrij om eigen keuzes te maken. Vrij om te mogen leven en daar ook van te genieten. Vrij om de regie over mijn eigen leven, denken en doen te hebben. En dat doe ik dan ook. Zo weet ik eindelijk wat mijn smaak is en koop ik kleren die IK leuk vind. Ik ga met de mensen om die ik graag om me heen heb. Ik ben vrijwilligers werk gaan doen. Zelf met mijn lichaam wat niet meewerkt maak ik keuzes. Zo heb ik sinds kort een scootmobiel, eerst kwamen de oude gedachtes weer dat dit een teken van zwakte is. Nu zie ik in dat dit juist een keuze voor vrijheid is om me te begeven naar waar ik wil, zelfstandig. Ik ga de cursus doen tot ervaringsdeskundige omdat ik me verder wil ontwikkelen.

Vrijheid is kostbaar en niet vanzelfsprekend. Ook niet de vrijheid in je hoofd, je lichaam, in je keuzes. Voor veel mensen met welke rugzak dan ook kan dit een gevecht zijn. Maar als je doorzet komt die vrijheid er en dat is een heerlijk bevrijdend gevoel. Een overwinning vooral op jezelf. Ik geniet van mijn verworven vrijheid.

Griep en kindermishandeling/misbruik

We hebben het allemaal wel eens, de griep. Voor de meeste van ons is dat geen probleem, honing, hoestdrankjes, paracetamol en we komen er gewoon doorheen. Onze kinderen stoppen we onder een dekentje, knuffelen we extra en ontzien ze. Voor veel mensen die te maken hebben gehad met kindermishandeling of kindermisbruik kan griep een trigger zijn. Ik neem mezelf nu even en dit geld voor vele lotgenoten. Ziek zijn was een groot taboe in mijn kinderjaren. Dat was een teken van zwakte en zwakte diende niet getoond te worden. Voor mij geen warme dekentjes, geen hoestsiroopje en zeker al geen knuffel. Straf dat was wat ik kreeg als ik ziek was. Ik moest ook altijd gewoon naar school pas als deze me naar huis stuurde mocht ik thuis blijven. Maar niet om verzorgd te worden, dan kon ik mijn handjes laten wapperen en het huishouden mee doen.

Ik vind het nog steeds heel moeilijk om goed voor mezelf te zorgen als ik me ziek voel. Doordat je ziek bent heb je ook minder weerstand, ook psychisch. En is het dus veel moeilijker om heden en verleden uit elkaar te houden, heb je koorts dan is dit nog moeilijker. Dan heb je soms ook koortsdromen die akelig zijn. En de pijn in je lichaam triggerd ook. De spierpijn die heb je ook als je ernstig misbruikt bent. Dan moet je proberen te onderscheiden dat de pijn nu gewoon van de griep is.

Het lukt mij inmiddels om afspraken af te zeggen als ik ziek ben en dat was al een hele stap. Ik hoef niet door te gaan. En ik mag op de bank hangen en me rot voelen. Mezelf verwennen met thee met honing en een dekentje. Gewoon ziek zijn, toch is er altijd dat stemmetje in mijn hoofd, zwakkeling. En lichaam en geest werken samen, als je lichaam even niet mee werkt dan is er vaak chaos in het hoofd.

Leren ziek te zijn tjonge dat is nogal wat. En dan je laten verzorgen, hulp vragen dat is ook wel een dingetje. Er was nooit iemand die je om hulp kon vragen en nu wel. Tonnie doet ook helemaal niet moeilijk als ik hem vraag me mee te helpen, maar toch blijf ik het moeilijk vinden. De zelfredzaamheid, het zelf moeten doen zit er toch nog in.

Maar gelukkig gaat griep ook weer over en kan je het normale ritme weer op pakken. Dat is met PTSS ook een ding als je ritme overhoop gegooid wordt en dat gebeurt als je ziek bent. Niets gaat zoals gepland en dat betekend paniek. Maar het komt elke keer weer goed en dan is de griep en alles erbij weer vergeten tot de volgende keer dat je ziek bent….

Moeder of loeder?

Het is iets meer dan 5 jaar geleden dat mijn moeder stierf op 5 februari 2013, een maand voor mijn boek Het Duivelskind uitkwam. Ik vernam het via een anonieme reactie op een blog waarin stond weet je dat je moeder dood is? Na navraag hier en daar bleek ze al een aantal dagen dood te zijn. Mijn gevoelens waren heel tegenstrijdig. Ik had op dat moment al 18 jaar geen contact meer met haar, maar had altijd de hoop dat ze me ooit nog wilde zien. Vergeefse hoop zelfs in haar strijd tegen de dood wilde ze me niet meer zien of horen. En dat terwijl ik haar zoveel jaren had beschermd, tegen beter weten in loyaal naar haar toe geweest ben.

Mijn moeder was in mijn leven eigenlijk op de achtergrond, ze was er maar toch ook weer niet. Ze was de vrouw die klaar zat met thee en koekjes als ik uit school kwam. Ze was de vrouw die het huishouden deed, elke dag kookte. Maar ze was ook de vrouw die geen woord zei als ik misbruikt werd, als ik geslagen werd, opgesloten werd. Zwijgend zag ze het aan, sterker nog als ik iets “fout” deed als mijn vader niet thuis was, briefde ze dat bij zijn thuiskomst aan hem door, wetende dat mijn straffen bijna onmenselijk waren.

Toch plaatste ik haar op een voetstuk ik had dat nodig om me in mijn verder miserabele leven aan vast te klampen. Ik moest iets hebben om alles aan te kunnen. Tot het moment dat ook zij me misbruikte. Hoewel ik toen al jarenlang misbruikt werd was dit een soort genadeklap. Mijn hele wereld stortte in. Alles waar ik me nog enigszins aan vast klampte verdween als sneeuw voor de zon. Ik viel in een eindeloos diep donker gat. Mijn hart werd verscheurd en mijn schreeuw vanbinnen was eindeloos. Maar niemand die me hoorde, niemand die me zag.

Ik heb mezelf jarenlang wijsgemaakt dat ze van me hield. Maar hoe dan? Hoe kun je toekijken wanneer je kind misbruikt en mishandeld wordt? Toe horen hoe je kind tot op het bot toe vernederd wordt? Hoe kun je je eigen kind misbruiken? Hoe kun je het van de ene op het andere moment in de steek laten en tot je dood nooit meer iets laten horen? Dat is toch geen liefde, toch?

Ik heb ook geen gemis gevoeld na haar dood. Hoe kon ik ook iemand missen die me zo de grond in getrapt heeft, me zoveel verdriet heeft gedaan. Hoe is ze zo geworden, nadat ze immens veel moeite heeft moeten doen om mij te krijgen. Nadat mijn geboorte zelfs bijna haar dood werd. Ik begrijp het niet en zal het ook nooit begrijpen, de enige die me kan antwoorden is er niet meer, zij stierf 5 jaar geleden en nam de antwoorden mee haar graf in.

Mijn innerlijke kind

Je innerlijke kind, hij of zij is altijd bij je, bij iedereen. Bij velen is het een blij en gelukkig kind waaraan je warme herinneringen koestert. Maar het kan ook een diepongelukkig, een angstig een verwaarloosd, ernstig beschadigd kind zijn. Bij vrolijke innerlijke kinderen is er meestal een naadloos contact met het volwassen lijf. Ze zijn samen een. Bij een beschadigd innerlijk kind zijn ze vaak gesplitst. Kan je als volwassene er geen contact mee maken en al helemaal niet koesteren.

Mijn innerlijke kind is een zeer angstig en getraumatiseerd kind wat bijna dagelijks misbruikt, mishandeld en vernederd wordt. Ik verafschuwde dat kind en heb jarenlang tegen haar gevochten. Ik wilde haar niet zien en al helemaal niet voelen. Ze heeft zoveel pijn in zich te dragen. Toch kwam ze regelmatig opdagen. Als ik dissocieer dan is ze er, dan is mijn volwassen lijf de innerlijke volwassen en het beschadigde kind mijn identiteit. Dat kleine meisje vlucht wat ze kan om veiligheid te zoeken. Ze trilt en huilt bittere tranen. Ze is er zich niet bewust van dat ze er is. Niet bewust van het volwassen lijf waarin ze rondloopt. Ze beweegt als een kind, heeft altijd een vertrouwde knuffel bij haar. Ze is verschrikkelijk bang voor de man die ze pappa noemt. Voor zijn handen, zijn lijf, zijn bijna gitzwarte altijd boos kijkende ogen. Ze heeft niemand die haar troost en niemand die ze vertrouwt. Helemaal in haar eentje moet ze het gevecht aan, ze is zo verschrikkelijk eenzaam.

Hoe harder ik me tegen dat kleine meisje verzette hoe vaker ze er was. Langzaam leerde ik naar haar te kijken. Voorzichtig leerde ik haar troost te bieden. De eerste in haar hele leven die troost bood. Mensen die met haar te maken kregen zoals de man van haar volwassene en agenten en hulpverleners waren lief voor haar. Ze werd een beetje minder bang en kreeg een beetje meer vertrouwen. In een veilig hoekje in mijn huis zat ik met haar knuffel en bood haar zo veiligheid aan. Ze kwam minder vaak en werd meer een met haar volwassene.

Ze komt nog steeds af en toe dat kleine bange meisje. Nu is er een grote hond, hulphond en poedel Dirk die haar troost biedt en veiligheid. Dat kleine meisje had ook een hond daar voelt ze zich heel fijn bij. En Dirk laat haar contact maken met haar volwassene zodat die weer tevoorschijn kan komen. Een vertrouwde knuffel is er nog steeds, daar zijn ze beide gek op. Die geeft houvast en troost. Dirk vormt nu de schakel tussen mijn volwassen ik en mijn innerlijke kind. Iedereen heeft een innerlijk kind al zijn we ons daar vaak niet van bewust. Iemand die grote trauma’s als kind oploopt is zich daar vaak wel van bewust omdat ze niet meer een zijn. Maar je kan leren met dat kleine kind om te gaan, dat kind te troosten en veiligheid te bieden. Dat is een hele zware en moeilijke weg. Ik ben nog steeds niet een met haar maar accepteer haar nu en dat is al een hele stap!

“Love,” Alexandr Milov, Burning Man Festival. Photo © 2015 Robert Bruce Anderson

Ik ben trots!

Ik ben trots, sinds ik mijn vernieuwde website begon (http://www.angelssite.nl) en daarop ook mijn blogs kun je jezelf abonneren op mijn blogs. Dat hebben inmiddels al 2057 mensen gedaan. Onvoorstelbaar veel dat had ik nooit kunnen vermoeden. Het maakt me niet alleen trots het geeft me ook moed. Ik schrijf vaak over het moeilijke onderwerp kindermisbruik en kindermishandeling. En toch zijn er veel mensen die dit willen lezen, zij zien en lezen en dat maakt dat ik de moed heb om door te gaan.

Natuurlijk realiseer ik me dat sommige denken komt ze daar nu weer mee? Ja dat doe ik omdat het nog steeds een heel beladen onderwerp is. Omdat er op dit moment dat ik dit schrijf in Nederland 119.000 kinderen slachtoffer zijn. In elke klas zit gemiddeld 1 kind dat mishandeld, misbruikt of verwaarloosd wordt. Er zijn professionele organisaties en stichtingen die zich hier dagelijks mee bezighouden gelukkig. Toch komt het nog vaak voor. Het is vaak moeilijk te signaleren. Niet alle kinderen hebben zichtbare blauwe plekken. Wie ziet het als een kind misbruikt wordt? Wie ziet het als een kind voor de tweede dag achter elkaar geen eten krijgt? Wie ziet het dat een kind elke dag weer verrot wordt gescholden? Kinderen ontwikkelen ook complexe en goed ingenieus werkende overlevingstechnieken. Ze zijn deskundig in het verbergen van diep verdriet, van angst, van zichtbare blauwe plekken.

Vaak zijn kinderen er zich niet eens van bewust slachtoffer te zijn van een vorm van kindermishandeling. Ze weten niet wat het is en voor hen is de situatie waar ze in zitten normaal. Daarom is voorlichting op scholen zo belangrijk. Als kind zeiden de woorden incest, kindermishandeling me niets. Ik dacht dat het erbij hoorde, dat wat me overkwam mijn eigen schuld was. Veel kinderen denken dat het hun eigen schuld is en helaas ook als volwassene denken ze dat nog vaak. Dat is ze immers jarenlang aangepraat. Kinderen zijn ook loyaal aan hun daders omdat het vaak familie of vrienden van de familie zijn. Vaak zijn dat toch de eerste banden die je als kind hebt. Als je tegen mij had gezegd als kind wat jouw pappa doet is slecht daarvoor moet hij naar de gevangenis had ik onmiddellijk mijn mond gehouden. Je hebt vaak een soort haat/liefde verhouding met de dader. Vaak is het ook degene die je troost als je gevallen bent, die je eten geeft, een verhaaltje verteld voor het slapen, voor je zorgt als je ziek bent. Dat maakt het ook zo verwarrend voor een kind voor wie goed en fout nog helemaal niet duidelijk is.

Het is ook belangrijk dat we niet alleen over maar zeker ook met kinderen blijven praten. Hun laten weten dat we hen horen, dat we hen zien en dat ze niet alleen zijn. Ja ik ben trots maar er moet nog veel werk verzet worden en daarom zal ik blijven doorgaan met schrijven. Om seksueel misbruik, incest, mishandeling, verwaarlozing een stem te geven. Om duidelijk te maken hoe groot de impact van dit alles is en ik hoop dat jullie allemaal blijven meelezen en mijn blogs verspreiden, dank je wel voor iedereen die MIJ hoort en leest.

Warme knuffel, Angélique

Het vergeten kind

Het vergeten kind houd op dit moment een actie waarbij je kinderen die het heel moeilijk hebben een hart onder de riem kan steken. Je kan een bemoediging voor op een sjaal plaatsen en de sjaal ook daadwerkelijk laten maken. Deze zullen dan uiteindelijk aan de kinderen uitgedeeld worden. (https://steun.hetvergetenkind.nl/bericht). Ik zou iedereen aan willen moedigen dit ook te doen. Het betekend zoveel voor een kind. Er zitten heel veel kinderen in situaties waarin ze niet zouden moeten zitten. In internaten, crisiscentra, asielzoekerscentra, thuis in een uitzichtloze situatie.

Ik weet nog te goed hoe het is om een vergeten kind te zijn. Het allermeeste staat me de kerst in het internaat bij. Al mijn groepsgenootjes waren weg, uitgenodigd door familie om daar kerst te vieren. Ik was nog alleen in dat grote internaat met een groepsleiding die voor mij alleen werkte. Ik voelde me zo enorm eenzaam. Ik was door niemand uitgenodigd. Ik had een tante en 5 ooms en niemand dacht ook maar aan mij daar in dat internaat. De eerste weken in dat internaat heb ik vooral heel angstig op de trappen gezeten.

In een instelling moeten wonen is niet makkelijk. Ik heb in crisiscentra gewoond en een internaat. Het is voor je eigen veiligheid maar je wordt wel uit je vertrouwde omgeving gerukt met nauwelijks ruimte om iets van jezelf mee te nemen. En ineens woon je in een groep waarin je jezelf moet zien te handhaven. Ik weet nog de tweede keer dat ik thuis weg was. Ik was in een tiener opvangcentrum. Had alleen een boekentas bij en de kleding die ik aanhad. Mijn voogd en ouders wilde me niets geven. Ik moest maar naar huis komen. Daar zat ik met kleren aan die waren achtergebleven in dat centrum. Maanden met vreemde spullen niets van mezelf, dat is kan je vertellen heel erg zwaar.

Een instelling word nooit echt je thuis. Je krijgt er vrienden maar die komen en gaan weer. De groepsdynamiek veranderd telkens doordat de samenstelling van de groep veranderd. Je moet je telkens weer aanpassen. En hoe lief de groepsleiding ook is ook zij komen en gaan. Ze voelen niet als je familie. Met geen van allen deel je een verleden. Je moet ineens naar mensen luisteren die volslagen vreemden voor je zijn. Wat eerder nog wel mocht mag nu niet meer en wat niet mocht mag nu wel. Soms heb je een eigen kamertje en soms moet je deze delen en heb je nergens een plekje voor jezelf.

Je komt soms in een compleet onbekende wereld. Ik ben heel isolerend opgevoed in een kleine gemeenschap. En toen kwam ik in het tieneropvangcentrum terecht. Ik wist werkelijk niet wat me overkwam. Mensen met heel andere kleding, punkharen, grote sieraden, buitenlandse mensen. Een voor mij compleet vreemde wereld die me compleet overrompelde en waar ik geen raad mee wist. Kun je je voorstellen hoe een kind in een asielzoekerscentrum zich moet voelen niet alleen vreemden, maar een heel andere cultuur, ander klimaat, andere taal. Dat moet een kind toch compleet verwarren?

Het vergeten kind komt op voor al deze kinderen. Doe jij ook mee?

De hoge prijs van mijn jeugd

Al heel vroeg moest ik als kind meehelpen in het huishouden. Zo heb ik vele jaren lang de vloer gedaan op mijn knieën met een schuursponsje, stukje voor stukje. De toilet met een tandenborstel poetsen en ga zo maar door. Zwaar werk voor een klein kind. En dan de boodschappen meedoen en bierkratten sjouwen. En dan natuurlijk de lichamelijke belasting van het misbruik voor een kind onnatuurlijke houdingen en de klappen die mijn kinderlijf heeft moeten opvangen. Toen het allemaal pas stopte dacht ik nooit na of dit gevolgen zou hebben. Maar dat heeft het wel degelijk.

Al tiener had ik grote problemen met mijn menstruatie, heel onregelmatig, heel pijnlijk. En soms de pijn in mijn lijf waarbij ik niet nadacht. Gaat wel over. Maar op latere leeftijd kwamen de problemen. Zo heb ik 2 jaar frozen shoulders gehad. Kon bijna 2 jaar lang mijn beide schouders nauwelijks gebruiken, gelukkig is dat over nu. Problemen met mijn gewicht door medicijngebruik. En die medicijnen had ik nodig door mijn verleden. Enkele maanden lang ernstige problemen met mijn maag gehad, kon alleen droog brood en vanillevla eten. Ook dat is gelukkig over gegaan.

En nu dan sinds 1 ½ jaar problemen met mijn rug. Een hernia en lumbale stenose, oorzaak, slijtage. En ik denk weer terug aan de eerste 25 jaar van mijn leven die niet alleen psychisch maar ook zeker lichamelijk zwaar belast zijn. Ik heb ook nog 10 jaar werk gedaan waar ik veel sjouwde met gewicht. En zo betaal ik keer op keer weer de prijs van een gewelddadig verleden, van seksueel misbruik, van mishandeling, van verwaarlozing. En dat doet pijn letterlijk en figuurlijk. En dan heb ik maar even niet over de CPTSS, de dissociatieve stoornis en de sociale fobie!

Het maakt me soms zo machteloos jarenlang psychisch vechten en daar heb ik nu een redelijke balans in gevonden. Maar dan begint het vechten tegen telkens weer lichamelijke klachten, hoe ga ik daarmee om en hoe vind ik daarin weer mijn weg. Het zal me wel lukken zoals het altijd weer lukt. Maar het maakt me ook boos, hoe anders had mijn leven kunnen zijn. Een onbezorgde jeugd, een leuke baan, kinderen. Maar dat is niet zo en ik zal het ermee moeten doen. Het is zoals het is.

PTSS beperkingen en kwaliteiten

PTSS ik leef er al heel wat jaren mee. Met hele heftige periodes waarin ik echt dacht dat de zon nooit meer voor mij zou schijnen en periodes dat het wat beter ging. Leven met PTSS is zeker geen gemakkelijke opgave, het geeft je beperkingen. De eerste jaren ga je zo ongeveer constant over je grenzen heen. Met alle gevolgen van dien, nachtmerries, herbelevingen, je letterlijk ziek voelen, constant alert zijn en ga zo maar door. In de loop van de jaren heb ik mijn beperkingen leren kennen. Ik leef daar nu beter naar zodat ze me niet meer keihard in mijn gezicht knallen.

Maar ik heb ook mijn krachten leren kennen. Want ik ben veel meer dan PTSS en heb zeker ook kwaliteiten. Die heb ik ingezet om voor diverse mensen een website te bouwen en te beheren. Verder doe ik vrijwilligerswerk. Ik zit in het bestuur van de wijkraad en daar doet mijn PTSS er niets toe, daar ben ik gewoon Angélique die volledig mee kan draaien. Een heerlijk gevoel.

Sinds 1 ½ jaar heb ik natuurlijk ook Dirk mijn PTSS hulphond. Hij wijkt zelden van mij zijde. Of we nu boodschappen gaan doen, uit eten gaan, op bezoek bij familie of vrienden of naar huisarts, tandarts of ziekenhuis gaan, altijd gaat hij mee. Met hem aan mij zijde voel ik me sterk en heb ik veel meer zelfvertrouwen. Hem voelen als ik ergens binnenstap geeft mij meer zekerheid. Maar dat is niet het enige hij voorkomt ook dissociëren. Dirk maakt constant contact met me waardoor ik in het hier en nu blijf. De politie, ambulance, crisisdienst ze zijn niet meer nodig nu Dirk en ik zo een hecht team vormen. Hij zorgt er ook voor dat mensen niet te dicht in mijn persoonlijke zone kunnen komen. Hij “troost” me ook daar waar nodig kortom een verrijking van mijn leven.

Het is een heel lang proces geweest om mezelf een beetje te ontdekken. Welke kleren vind ik leuk? Ik had geen idee. Welk eten vind ik lekker? Hoe wil ik mijn huis inrichten wat is mijn smaak? Welke mensen wil ik om me heen? Wat is mijn eigen denken en wil? Ik had nog nooit zelf iets mogen denken of doen dus wist ik totaal niet wat ik wilde. Zelf leren denken en doen was en is moeilijk maar dat gaat me steeds beter af. Niemand bepaald meer voor me dat mag ik nu zelf doen, mijn eigen keuzes maken. Op mijn bek gaan en niet gestraft worden maar opstaan en verder gaan.

Het is de combinatie van maatregelen, therapie, Dirk, partner, PGB, vrijwilligerswerk die mijn leven nu aardig stabiel maken. Elk deeltje van die combinatie is belangrijk. Lichamelijk gaat het niet zo lekker, ik heb een hernia en ondanks een streng dieet kom ik aan. Maar omdat mijn leven nu stabieler is kan ik dat aan. Lichaam en geest werken samen dus in hoeverre de PTSS invloed heeft op mijn lichaam ik weet het niet. Ik weet wel dat ik geniet van  de periode waar ik nu voor mijn gevoel al best lang inzit. Wat de toekomst brengt weet niemand voor nu kijk ik ook niet zo ver maar geniet van het nu dat is ver genoeg.