Een herinnering, dag 6 van de week tegen kindermishandeling.

Het is 20.00 uur en ik moet naar bed toe. Het ritueeltje begint tandenpoetsen, pyjama aan en naar bed. Dit keer doet mijn moeder-dader dit en dat is fijner. Ze wil geen tongzoenen van me net als vader-dader. Als alles weer stil is kruip ik onder mijn dekbed en ga met een zaklantaarn de Donald Duck lezen. Mijn hart klopt in mijn keel en ik ben misselijk. Ik durf niet te gaan slapen de angst is te groot. Zal hij komen of heb ik een nacht rust? Ik kan de Donald Duck nauwelijks volgen, mijn gedachten gaan alle kanten op.

Dan hoor ik voetstappen op de trap ik hoor het bekende kraakje van die ene traptrede. Ik begin te trillen over heel mijn lijf. Ik hoor hem voor mijn deur stoppen, de klink gaat omlaag en daar staat hij, mijn vader-dader. Als een donkere schim zie ik hem op me afkomen. Ik klem mijn dekbed om me heen maar het helpt niks. Met een ruk trekt hij het van me af. Uitkleden! Beveelt hij. Ik doe wat hij zegt wetend wat de straffen zijn als ik dat niet doe. Zijn handen gaan overal over mijn lijf. Zijn tong dringt in mijn mond. Hij kleed zich ook uit en ik zie dat grote ding waar ik zo bang voor ben al. Zijn lijf hangt boven me en met kracht duwt hij dat ding in mijn lijf. Meteen brand het en de pijn is immens, alsof ik uit elkaar gescheurd wordt. Het liefst zou ik huilen maar dat mag niet. Ik kruip in mijn eigen wereld, dat is fijn nu hoor, zie of voel ik niets meer, ik ben veilig in mezelf.

Het is weer voorbij, ik huil stille tranen. Tranen van pijn, verdriet, onmacht, eenzaamheid. Ik slik en slik en probeer niet over te geven. Ik tril alsof er een enorme aardbeving gaande is. Ik moet slapen maar het lukt me nauwelijks. Morgen moet ik weer naar school, dan moet ik weer presteren en zoals altijd doen alsof er niets gebeurd is, alsof de nacht niet bestaan heeft, alsof hij mijn lijf niet verscheurd heeft. Dan ben ik alleen met alles wat er in me gebeurt. Zal ooit iemand zien wat er allemaal met me gedaan wordt? Iemand?

Dit is de laatte blog in deze serie in het kader van de week tegen kindermishandeling. Uiteraard stopt het hier niet voor mij. Ik zal blijven strijden en bloggen. In april begin ik met de cursus werken met eigen ervaring. Mijn droom ervaringsdeskundige te worden komt zo een stuk dichterbij! Dank je wel aan een ieder die deze week meevocht en mee las. Vergeet onze kinderen niet!

Meer lezen? Zie mijn boek Het Duivelskind op bol.com of de bibliotheek.

Een herinnering dag 5 van de week tegen kindermishandeling

We hadden toen ik 8-9 jaar was een Duitse herder. Wat een geweldige hond was dat, ik kon er alles mee. Paardjerijden, knuffelen, spelen. Rex was zijn naam, hij zat in een hok in de tuin, mocht maar zelden binnen zijn. Mijn moeder was bang van honden (waarom in godsnaam dan een hond nemen). Maar bovenal was Rex beschermend, steeds vaker als mijn vader-dader me sloeg of schopte gromde Rex en begon zelfs te happen. Geweldig vond ik dat, al was het een hond eindelijk kwam iemand me helpen. Maar mijn ouders vonden dat minder uiteraard. Dus tot mijn hele grote verdriet moest Rex weg. Ik was ontroostbaar mijn enige vriend op de wereld raakte ik kwijt.

Gelukkig en daar ben ik nog steeds blij mee kon hij naar een boerderij waar hij vrij zou zijn. Bij ons zat hij op het laatst maar in dat hok. Moeder durfde hem niet uit te laten en vader had onregelmatige diensten. En dat ik zo behandeld werd maakte Rex ook ongelukkig. Op een avond zou de boer hem komen halen. Alleen mijn ouders waren er niet, ik was alleen met de oppas. De boer had een paardentrailer bij maar wat ze ook probeerde, Rex ging er niet in. En dus moest ik helpen, ik moest in de trailer gaan staan, Rex bij me roepen en dan heel hard uit de trailer rennen. Heb ik gedaan ik moest wel maar mijn kinderhartje brak toen ik mijn grote vriend verraadde. Ik heb werkelijk tranen met tuiten gehuild. Gelukkig was de oppas heel lief. Als mijn ouder-daders er waren geweest had ik zeker weten straf voor mijn tranen gekregen.

Dieren bleven nooit lang ik had ook regelmatig een konijn maar met de kerst verdwenen ze en eindigde in de pan. Nu ik volwassen ben denk ik dat Rex een veel mooier leven heeft gehad. Mijn vader-dader was hard voor hem. Zoals hij mij sloeg, zo sloeg hij ook de hond. De laatste jaren heeft hij heerlijk kunnen rondrennen op een boerderij, veel beter voor hem. Het is niet alleen misbruik, slaan wat pijn doet. Ook dit soort dingen staan in mijn geheugen gegrift. Als volwassene heb ik katten en honden gehad maar weg doen NOOIT ik zorg goed voor ze tot de dood toe.

Meer lezen? Zie mijn boek Het Duivelskind op bol.com of de bibliotheek.

Een herinnering dag 4 van de week tegen kindermishandeling

Het is een hele warme dag midden in de zomer. Ik ben in de tuin aan het spelen, maar ik doe iets fout. Ik weet niet goed wat maar mijn vader-dader komt naar buiten en begint tegen me te schreeuwen. Ik krimp in elkaar, maak me zo klein mogelijk, bang voor de klappen die zullen komen. PATS! Daar is de eerste al op mijn achterhoofd. Ik voel een stekende pijn. “meekomen jij” zegt hij. Hij pakt me bij de arm en sleurt me hardhandig richting de schuur. Hij duwt me naar binnen en zegt: “Ga maar nadenken over je zonden”. Daar zit ik dan opgesloten in de schuur. Het is er bloedheet en al snel heb ik het veel te warm en enorme dorst. Ik ga maar op de betonnen grond zitten. Hoe lang moet ik deze keer? Een uurtje of een halve dag, je weet dat nooit.

Het is koud, midden in de winter. Nu ben ik binnen ik lees een boek en heb een glas ranja. Na een slok zet ik  op de tafel neer. Maar doordat ik lees kijk ik niet goed en mijn glas valt. Oh nee dat is niet goed en ja hoor daar is vader-dader al en ik heb al een klap te pakken. “Kijk uit je doppen uilskuiken, gedrocht niets kan jij goed doen”. Weer wordt ik bij mijn armen gepakt en naar de schuur gesleept. Nee oh goed nee, niet de kist. Maar ja hoor daar gaat de diepvrieskist al open. Vader-dader tilt me op en gooit me erin. De kou is snijdend. Hij zet een handschoen tussen het deksel en daar lig ik dan, als ingevroren kip. De kou gaat pijn doen aan mijn lijf. Het steekt, het brandt. Eindelijk mag ik eruit en hij sleurt me naar boven, daar zet hij me onder de douche en het water zo heet mogelijk. Weet je hoeveel pijn heel heet water doet op een totaal verkleumd lijf? Ik wel heel veel pijn.

Zomaar momenten die regelmatig voorkomen nog steeds vind ik het verschrikkelijk als het heel warm is of als ik het heel koud heb. Dan voel ik me heel onprettig en herinner ik me deze momenten en de pijn. Opgesloten worden is heel eenzaam, niemand die je ziet, niemand die je hoort.

Meer lezen? Zie mijn boek Het Duivelskind op bol.com of de bibliotheek.

Een herinnering dag 3 van de week tegen kindermishandeling

Bier, en shag, mijn hele jeugd heeft het een rol gespeeld. Mijn beide ouder-daders dronken elke dag bier, veel bier en beide rookte als een ketter. De kusjes van pappa en mamma stonken altijd naar bier en sigaretten. Ik weet nog dat pappa en ik een keer naar de supermarkt gingen, bier halen. Zoals altijd 2 kratten. Hij droeg me op de kratjes te dragen. Maar het was zo zwaar, het lukte me niet en ineens pats een klap recht voor mijn hoofd. Ik viel achterover. Oh wat schaamde ik me, iedereen zag hoe slecht ik was, wat een dom kind. Ze keken ook allemaal, gelukkig zei niemand iets. Akelig genoeg herkende ik wat mensen uit ons dorp, die wisten nu wat een stom kind ik was.

Opa-dader dronk ook, mijn vaders vader. En als hij dronk bakte hij spek. Zijn huis stonk altijd naar gebakken spek. Zijn vingers waren geel van het roken en hij stonk naar bier. Mijn vader-dader, mijn opa-dader, mijn moeder-dader ze zaten aan me en allemaal roken ze hetzelfde naar bier en sigaretten. Als ik op de bank tv keek tussen mijn ouders in zat ik tussen de sigarettenrook en glazen bier. Vaak begonnen ze in de middag al met drinken. Ik vergeet nooit meer die ene carnaval.

We waren uit, ik met hen samen zoals altijd. Ze dronken en dronken. Mijn vader-dader stond op de tafel met zijn lijf te schudden en zong puntje erin, puntje eruit. Mamma wilde naar huis, dat lalde ze. Ik moest mee van mijn vader-dader dus deed ik dat, ik zeulde mijn dronken moeder-dader naar huis. Halverwege viel ze. Haar gebit viel ze kapot en maar huilen. Ik schaamde me dood en probeerde zo snel mogelijk thuis te komen. Eenmaal thuis jankte en schreeuwde ze dat hij haar zou vermoorden. Ik wist niet wat ik moest doen en haalde dus de buurvrouw. Zei legde mamma in bed en zei komt wel goed. Toen mijn vader-dader thuis kwam ging hij naar de wc en riep kom eens Angélique en ik kwam. Van hem moest ik toekijken hoe hij alles onderkotste en uiteraard mocht ik het daarna opruimen. Vreselijk vond ik het allemaal maar ja ik had geen keus.

Alcohol heb ik nooit gedronken alleen al van de lucht wordt ik misselijk. Roken wel dat werd ook gestimuleerd door mijn ouder-daders tot ik met hen brak kreeg ik elke week shag van hen. Inmiddels ben ik bezig met stoppen. Ik heb ook gele vingers en verafschuwde de blik daarvan maar het roken had me te pakken en stoppen is o zo moeilijk. Toch ben ik daar nu mee bezig.

Een herinnering, dag 2 van de week tegen kindermishandeling.

Het is de eerste kerstdag, alles moet er spik en span uit zien en dus moet ik beginnen met poetsen. Ik pak een emmer water met sop en een schuursponsje en begin zoals dat hoort op mijn knieën de vloer te doen. Telkens een stukje verder met mijn schuursponsje. Het is een enorm en hels karwei om zo de hele woonkamer te poetsen. Daarna moet ik nog de wc met een oude tandenborstel  schoonmaken en het zilver poetsen. Eindelijk ben ik klaar en moet ik gaan douchen en mijn mooie kleren aan.

We gaan gourmetten, vader-dader, moeder-dader en ik. Er staan de meest lekkere dingen op de tafel en ik heb honger, door al dat poetsen was er nog geen tijd om te eten en ontbijt kreeg ik zo wie zo nooit. Ik pak een mooi stuk vlees. PATS! Daar heb ik een flinke klap tegen mijn hoofd te pakken, ik doe het fout, natuurlijk doe ik het fout, ik denk nooit na. Ik weet het zo goed, de man heeft het recht op het mooiste en grootste vlees. Ik ben maar een meisje hoe haal ik het in mijn hoofd niet nederig te zijn. Ik schaam me dood. Na een paar hapjes waar ik het toch weer fout doe wordt ik door vader-dader aan mijn haren van de tafel gesleurd en meegetrokken de trap op. En weer wordt ik opgesloten in de kast op de overloop, de sleutel wordt omgedraaid en daar zit ik dan weer een aantal uren. Ik heb het koud, heb honger en ben zo verdrietig, waarom kon ik niet beter mijn best doen? En die nacht als hij bovenop me ligt komt pas de echte straf, ik voel me verscheurd, kerst is niet fijn.

Jaren later, ik woon pas samen en ik pak een emmer met sop, een schuursponsje en ga de vloer doen. Mijn vriend, nu mijn man, komt binnen en is stomverbaasd. Wat ben je aan het doen vraagt hij. Ik denk nog dat zie je toch de vloer. Ja maar schat, dat hoort toch zo niet. Ik begin te huilen weer doe ik het fout. Heel rustig legt hij me uit dat dit met een dweil kan en we gaan de spullen daarvoor kopen. Opgelucht dat ik dit zware werk niet meer hoef te doen. Die avond doe ik het zoals het hoort en geef ik mijn man het mooiste en grootste stuk vlees.

Meer lezen? Zie mijn boek Het Duivelskind op bol.com of de bibliotheek.

Een herinnering, dag 1 van de week tegen kindermishandeling.

Het is de week tegen kindermishandeling en net zoals andere jaren ga ik hier op mijn manier aandacht aan besteden. Dit jaar zal ik jullie elke dag een herinnering vertellen om te laten zien hoe leven met incest en kindermishandeling is. Vandaag dag een.

Rustig ben ik aan het spelen, zoals altijd rustig omdat ik altijd bang ben op te vallen, En als ik opval voor mijn vader-dader dan is er altijd wel iets fout. Dus probeer ik zo onzichtbaar mogelijk te spelen. Vandaag is hij best in een goed humeur, mijn vader en dat is zeldzaam. Zou ik dan vandaag rust hebben? Dan hoor ik zijn stem, kom eens bij pappa zitten. Ik begin te rillen, bij pappa zitten is meestal niet zo leuk. Ik loop snel naar hem toe, wetende dat ik geen keus heb en wetende dat hij boos kan worden als ik niet snel genoeg ben.

Hij trekt me bij zich op schoot. Ik verstijf daar kan ik niks aan doen dat gebeurt gewoon. Hij wil me een kus geven en dat wil ik niet maar hij doet dat toch. Ik ruik zijn adem bier en shag en dat eeuwige spul in zijn haren. Eerst een zoentje op mijn wang, maar dan waar ik zo bang voor ben. Op mijn mond en met geweld duwt hij zijn tong naar binnen. Dat is zo vies en het voelt altijd of ik geen adem meer krijg, of ik stik. Dan komen zijn handen, handen waarvan ik inmiddels elk lijntje ken. Hij duwt een hand in mijn onderbroekje en gaat met zijn vinger naar binnen. Dat doet pijn het schrijnt nog van gisteren en nu moet het alweer. Ik houd me heel stil hopend dat het snel voorbij zal zijn. Huilen kan niet dan krijg ik straf.

Dan mag ik weer van schoot af en heel stil ga ik weer spelen. Ik speel met mijn barbies en speel wat ik denk dat heel fijn zou zijn, met Ken en barbie en het kindje. Ze doen leuke dingen samen en zijn lief voor het kindje. In mijn hoofdje raast het intussen door. Zou ik klaar zijn voor vandaag of komt hij vannacht nog naar me toe, mijn pappa.

Meer lezen? Zie mijn boek Het Duivelskind op bol.com of de bibliotheek.

De week tegen kindermishandeling

Maandag (20 november) begint de week tegen kindermishandeling. Dat werd georganiseerd door de taskforce kindermishandeling en seksueel misbruik. Helaas is deze (nog steeds broodnodige) taskforce opgeheven. De organisatie is dit jaar in handen van Movisie. Het thema dit jaar is Verbind voor het kind. De nadruk ligt dit jaar op de professionals. En dat is aan de ene kant goed. Er is veel aandacht voor signaleren en preventie en dat is uiteraard de eerste stap op weg naar herstel. Is er ook genoeg aandacht voor de gevolgen? De hulpverlening faalt nog vaak als het om PTSS en dissociatieve stoornissen gaat. Nog veel te vaak krijgen slachtoffers te horen dat er niets meer gedaan kan worden en dat ze zo maar moeten leren leven. Funest voor het toch al zo broze vertrouwen wat we in onszelf en de ander hebben.

Bovendien klopt het niet, we zijn geen hopeloze gevallen er is zeker een weg beschikbaar naar herstel, deze is echter vaak moeilijk te vinden. En nog regelmatig gebeurt het dat er foutieve diagnoses worden gesteld zoals borderline. Ik weet uit ervaring hoe dat is als ze tegen je zeggen dit is je leven leer er maar mee leven. Bij mij ging echt het licht uit, ik werd wanhopig en wilde niet meer leven. Helaas ken ik ook lotgenoten die inderdaad niet meer leven omdat er geen enkel uitzicht meer voor ze was. Ik heb doorgevochten en weet nu dat er echt leven is na seksueel misbruik en dat een dissociatieve stoornis niet elke dag je leven hoeft te bepalen.

Jammer dat de nadruk dit jaar alleen op de professional ligt. Want kindermishandeling bestrijden we allemaal samen. De eerste signalen liggen vaak bij familie, bij buren bij jou en mij. Durven we dan iets te doen? Vaak niet omdat we bang zijn voor een valse beschuldiging, voor de gevolgen. Toch is een onderbuikgevoel vaak kloppend. Laat een kind niet alleen staan, een beetje aandacht kan al een verschil maken. Hoor en zie een kind, luister naar een kind. Laat merken dat je er bent. Dat maakt al dat een kind zich minder eenzaam voelt. Want eenzaam ben je als je een groot geheim bij je draagt wat je van de dader aan niemand mag vertellen. Ik weet nog hoe diepongelukkig ik me voelde als mijn vader-dader me sloeg in het openbaar. Niemand zei of deed iets. Het gaf me het gevoel dat het zo hoorde, dat ik echt een slecht kind was. Dat gevoel wilt u een kind toch niet geven?

Vanaf maandag zal ik elke dag een blog plaatsen met een herinnering. Ik hoop zo bewustwording te creëren wat het betekent en wat het met een kind doet. Lees je mee volgende week?

Incest van je kruin tot je tenen

 

Incest bekruipt je van je kruin tot je tenen. Incest is een monster wat je helemaal opvreet. Als kind ben je totaal afhankelijk van de volwassenen om je heen. Zij moeten je begeleiden naar je volwassen leven. Zij moeten je leren wat vertrouwen is, wat liefde is, wat zelfvertrouwen is, wat zelfstandig denken is en ga zo maar door. Maar wat als ze je heel andere dingen leren? Wat als degene die je het dichtste bijstaan je aanranden, verkrachten, mishandelen, uitschelden? Wat als je elke dag te horen krijgt dat je niets waard bent, nooit geboren had mogen worden, je slecht bent, lelijk bent? Wat als dat wat het meest intieme is, je lichaam, geschonden wordt, gebruikt wordt? Dan leer je dat niemand te vertrouwen is, dat volwassenen om je heen pijn betekend. Dat liefde niet bestaat, dat eigen denken een utopia is, dat je niet mag bestaan.

Ik noemde de man in ons huis pappa en de vrouw mamma, niet wetend wat dat hoort in te houden. Voor mij was pappa een man die je slaat, schopt, opsluit, je lichaam binnendringt, je vernederd tot op het bot. Mamma was een vrouw die er was en eigenlijk niet was. Ze stond erbij en keek ernaar, logisch vond ik toen, ik had het immers allemaal verdiend. Als dan ook nog de familie geen enkele kik geeft als pappa je slaat en uitscheld, bevestigen alle volwassenen in je leven dat het waar is, jij verdient het, je bent slecht. Incest is een gevangenis waarbij het kaartje uit en ontsnappen niet bestaat. Je wordt verteerd van binnen, je lijf voelt niet meer als van jouw. In je hoofd hoor je zijn stem bij alles wat je doet.

Dan komt het moment dat het stopt, de incest ophoud. Maar zoals ze zeggen je kunt het kind uit de oorlog halen maar de oorlog niet uit het kind geld dit ook voor incest. Het zit in je van je kruin tot je tenen. De film blijft zich herhalen voor je ogen. Zelfvertrouwen is er niet en vertrouwen in mensen al helemaal niet. Zelfs de letterlijke lichamelijke pijn verdwijnt niet die is opgeslagen. Je angst is nog net zo groot al is die niet meer realistisch. Je leeft niet maar overleeft en de enige strategie daarvoor is die je als kind geleerd hebt. Je houd dus eigenlijk in je hele wezen de incest in stand.

Dan komt het gevecht tegen je demonen. Het is een hele moeilijke en zware strijd. Dat gezin waarin seksueel misbruik, lichamelijke en psychische mishandeling een gewone dag was, is je basis. Er is niets zo moeilijk als leren dat je basis helemaal verkeerd is. Als je van een huis de fundering, de basis verwijderd stort het huis is. Als je de basis van een mens wil verwijderen stort de mens in. En vanuit die puinhopen moet je opnieuw gaan bouwen. Leren dat je op jezelf kunt vertrouwen. Leren dat je lijf van jouw is. Leren zelf te denken en beslissingen te nemen. Leren wat liefde is en je stukje geluk pakken. Incest bekruipt je van je kruin tot je tenen. Incest is een monster wat je kunt verslaan!

Seksueel misbruik en urologie

Na in 3 weken regelmatig pijn in mijn flank te hebben gehad, bleek dat ik een flinke niersteen had. De uroloog vertelde me dat er 2 operaties nodig zijn. Als eerste een URS daarmee zou de steen omhoog geduwd worden, verder de niet in zodat ik geen koliek pijn meer had. En er zou een JJ katheter geplaatst worden, dat is een katheter met aan allebei de uiteinden een krul van je nier naar je blaas. Dat gaat de nier stuwing tegen en zorgt voor een goede, vrije doorgang van je urine. Als tweede een zogenaamde PNL operatie waarbij de steen verwijderd wordt. Dit gebeurd via de rug door een holle naald in de nier en zo de steen te verwijderen. Hierna heb je een nier, urine en blaas katheter. Die mogen er na 1 tot 2 dagen weer uit als de urine niet meer bloederig is en er geen gruis achtergebleven is.

Woensdag 24 mei kreeg ik dus de eerste operatie en dat ging allemaal heel goed en ik mocht dezelfde avond weer naar huis. Wat ze me niet vertelde is de pijn die je van een JJ katheter kan hebben. Ik had flinke blaaskrampen waarvoor ik na een paar dagen medicijnen kreeg. Dat hielp een beetje. Maar veel moeilijk was het constante gevoel alsof er iemand bij je binnen dringt. Je voelt die katheter zitten zeker als je beweegt maar ook zonder te bewegen. Het voelt alsof iemand met grof geweld je vagina binnen dringt en dat 24 uur per dag. Dat is voor de meeste een heel vervelend gevoel. Maar voor iemand net als ik zelf met een lang misbruik verleden een drama.

Mijn gezonde verstand zegt me dat ik veilig ben. Dat er niets gebeurt. Maar mijn lijf zegt iets heel anders en protesteert aan alle kanten. En daarmee gaan er ook weer signaaltjes naar je hoofd, overlevingsstand, niet veilig, gevaar, alert. Er gebeurt veel te veel in mijn hoofd en lijf meer dan ik kan handelen. Het is chaos en ik kan er weinig tegen doen. Dat gevoel blijft tot de katheter weer wordt weggehaald. En dat kan nog wel een tijdje duren. Ik weet met mezelf geen raad ben angstig, verdrietig, nerveus, alert enz enz.

Weten urologen wat dit soort ingrepen met misbruikte mensen doet? Ik was niet gewaarschuwd voor de pijn en het gevoel erna. Dat schijnt “normaal” te zijn maar voor mij komt het totaal onvoorbereid. Pas toen ik belde zeiden ze me dit is normaal. Maar voor mij is dit niet normaal, voor mij is dit terug geworpen worden in iets waarin ik niet meer wil zitten maar nu wel zit. Zouden urologen weten hoe groot de impact ingrepen zijn in dat gebied als je seksueel misbruikt bent? Overigens heb ik een hele fijne uroloog die goed naar me luisterd en me alle opties goed uitlegt en meedenkt dat is heel fijn, ook het ziekenhuis denkt overal tot het uiterste in mee en dat geeft wel vertrouwen.

Dirk mijn kanjer, mijn verschil

 

Ik hoef jullie niet meer te vertellen dat sinds ik in augustus Dirk kreeg mijn leven écht veranderd is. Als je me een beetje volgt heb je dat wel gezien, gelezen. Al bij de eerste ontmoeting was het liefde op het eerste gezicht voor mij. Zo wie zo een poedel ik vind ze zo mooi, zo statig en vooral zo heerlijk aaibaar. Mar een poedel is ook aardig eigenwijs, tja hond lijkt op baasje gevalletje? Nog steeds als hij naast me gaat zitten en me recht in de ogen aankijkt dan smelt ik. Kan me een huis zonder Dirk al niet meer voorstellen. Elke nacht ligt hij met zijn knuffel tussen zijn poten te slapen, zo lief. Hij kan rennen als de beste en geeft veel honden het nakijken, als er dan ook nog wat natte plassen bij zijn dan kan zijn geluk niet op.

Maar bovenal is hij mij maatje door dik en dun. Bijna altijd gaat hij mee, huisarts. Ziekenhuis, tandarts, fysio, uit eten, lotgenotendagen, bezoekjes die we doen, boodschappen. Hij is er gewoon bij. In het plaatselijke winkelcentrum hoort hij al helemaal erbij iedereen kent hem. Elke dag weer houdt hij me goed in de gaten. Zo’n beetje elke half uur komt hij wel bij me staan en maakt contact, door zijn hoofd op mijn schoot te leggen of een poot te geven. Hij houdt me zo in het hier en nu en voorkomt dissociëren. En als dat wel gebeurt dan handelt hij direct. In de winkels zorgt hij ervoor dat ik me veiliger voel, mensen botsen niet mee zo tegen me aan, hij is de buffer. Hij kan heel ontspannen gaan liggen als we in een volle zaal zijn, applaus wat dan ook doet hem niet veel. Maar ondertussen houdt hij me goed in de gaten en weet precies wanneer hij contact moet maken. Als ik het spannend vind kan hem kriebelen, contact hebben me al rustiger maken. Ik voel me veel zekerder als ik buiten loop, loop weer rechtop. En een onbekende ruimte instappen is veel minder eng met Dirk aan mijn zijde. Als ik me verdrietig voel is er troost van Dirk. Samen knuffelen ontspant me en hij is er gek op. Hij gaat ook tegen me aan staan in drukkere ruimtes zodat ik zijn lijf voel en goed weet dat hij er is, hij geeft me steun, vertrouwen.

Hij wist ook al heel snel hoe alles hier werkte, had al snel door, hé ik mag op de bank, lekker naast mijn vrouwtje liggen. Bij het gastgezin kreeg hij s ’avonds een koekje als ze koffiedronken. Dat hebben wij maar voortgezet. Dus zodra manlief koffie gaat zetten denderen er 2 honden achter hem aan. We hebben natuurlijk Jackie ook nog. Ze liggen samen in een mandje en in een bos rennen ze samen. Jackie een minirondje en Dirk in een grote cirkel. Het is een grappig stel heel groot en heel klein, allebei bruin/wit. Alsof ze op elkaar afgestemd zijn. Dirk is geen echte spelletjes fan maar heel af en toe als Jackie rondrent met zijn knuffel, pakt hij die ineens af. Om 2 minuten later het ding weer terug te geven. Dirk betekend alles voor me, hij is het verschil in mijn leven geworden. We zijn een onafscheidelijke eenheid geworden. Na jarenlang heel veel hulpverlening heb ik nu de beste ooit gevonden, Dirk. Ik hoop dat we nog lang samen mogen zijn.