Een herinnering, dag 6 van de week tegen kindermishandeling.

Het is 20.00 uur en ik moet naar bed toe. Het ritueeltje begint tandenpoetsen, pyjama aan en naar bed. Dit keer doet mijn moeder-dader dit en dat is fijner. Ze wil geen tongzoenen van me net als vader-dader. Als alles weer stil is kruip ik onder mijn dekbed en ga met een zaklantaarn de Donald Duck lezen. Mijn hart klopt in mijn keel en ik ben misselijk. Ik durf niet te gaan slapen de angst is te groot. Zal hij komen of heb ik een nacht rust? Ik kan de Donald Duck nauwelijks volgen, mijn gedachten gaan alle kanten op.

Dan hoor ik voetstappen op de trap ik hoor het bekende kraakje van die ene traptrede. Ik begin te trillen over heel mijn lijf. Ik hoor hem voor mijn deur stoppen, de klink gaat omlaag en daar staat hij, mijn vader-dader. Als een donkere schim zie ik hem op me afkomen. Ik klem mijn dekbed om me heen maar het helpt niks. Met een ruk trekt hij het van me af. Uitkleden! Beveelt hij. Ik doe wat hij zegt wetend wat de straffen zijn als ik dat niet doe. Zijn handen gaan overal over mijn lijf. Zijn tong dringt in mijn mond. Hij kleed zich ook uit en ik zie dat grote ding waar ik zo bang voor ben al. Zijn lijf hangt boven me en met kracht duwt hij dat ding in mijn lijf. Meteen brand het en de pijn is immens, alsof ik uit elkaar gescheurd wordt. Het liefst zou ik huilen maar dat mag niet. Ik kruip in mijn eigen wereld, dat is fijn nu hoor, zie of voel ik niets meer, ik ben veilig in mezelf.

Het is weer voorbij, ik huil stille tranen. Tranen van pijn, verdriet, onmacht, eenzaamheid. Ik slik en slik en probeer niet over te geven. Ik tril alsof er een enorme aardbeving gaande is. Ik moet slapen maar het lukt me nauwelijks. Morgen moet ik weer naar school, dan moet ik weer presteren en zoals altijd doen alsof er niets gebeurd is, alsof de nacht niet bestaan heeft, alsof hij mijn lijf niet verscheurd heeft. Dan ben ik alleen met alles wat er in me gebeurt. Zal ooit iemand zien wat er allemaal met me gedaan wordt? Iemand?

Dit is de laatte blog in deze serie in het kader van de week tegen kindermishandeling. Uiteraard stopt het hier niet voor mij. Ik zal blijven strijden en bloggen. In april begin ik met de cursus werken met eigen ervaring. Mijn droom ervaringsdeskundige te worden komt zo een stuk dichterbij! Dank je wel aan een ieder die deze week meevocht en mee las. Vergeet onze kinderen niet!

Meer lezen? Zie mijn boek Het Duivelskind op bol.com of de bibliotheek.

Een herinnering dag 5 van de week tegen kindermishandeling

We hadden toen ik 8-9 jaar was een Duitse herder. Wat een geweldige hond was dat, ik kon er alles mee. Paardjerijden, knuffelen, spelen. Rex was zijn naam, hij zat in een hok in de tuin, mocht maar zelden binnen zijn. Mijn moeder was bang van honden (waarom in godsnaam dan een hond nemen). Maar bovenal was Rex beschermend, steeds vaker als mijn vader-dader me sloeg of schopte gromde Rex en begon zelfs te happen. Geweldig vond ik dat, al was het een hond eindelijk kwam iemand me helpen. Maar mijn ouders vonden dat minder uiteraard. Dus tot mijn hele grote verdriet moest Rex weg. Ik was ontroostbaar mijn enige vriend op de wereld raakte ik kwijt.

Gelukkig en daar ben ik nog steeds blij mee kon hij naar een boerderij waar hij vrij zou zijn. Bij ons zat hij op het laatst maar in dat hok. Moeder durfde hem niet uit te laten en vader had onregelmatige diensten. En dat ik zo behandeld werd maakte Rex ook ongelukkig. Op een avond zou de boer hem komen halen. Alleen mijn ouders waren er niet, ik was alleen met de oppas. De boer had een paardentrailer bij maar wat ze ook probeerde, Rex ging er niet in. En dus moest ik helpen, ik moest in de trailer gaan staan, Rex bij me roepen en dan heel hard uit de trailer rennen. Heb ik gedaan ik moest wel maar mijn kinderhartje brak toen ik mijn grote vriend verraadde. Ik heb werkelijk tranen met tuiten gehuild. Gelukkig was de oppas heel lief. Als mijn ouder-daders er waren geweest had ik zeker weten straf voor mijn tranen gekregen.

Dieren bleven nooit lang ik had ook regelmatig een konijn maar met de kerst verdwenen ze en eindigde in de pan. Nu ik volwassen ben denk ik dat Rex een veel mooier leven heeft gehad. Mijn vader-dader was hard voor hem. Zoals hij mij sloeg, zo sloeg hij ook de hond. De laatste jaren heeft hij heerlijk kunnen rondrennen op een boerderij, veel beter voor hem. Het is niet alleen misbruik, slaan wat pijn doet. Ook dit soort dingen staan in mijn geheugen gegrift. Als volwassene heb ik katten en honden gehad maar weg doen NOOIT ik zorg goed voor ze tot de dood toe.

Meer lezen? Zie mijn boek Het Duivelskind op bol.com of de bibliotheek.

Een herinnering dag 4 van de week tegen kindermishandeling

Het is een hele warme dag midden in de zomer. Ik ben in de tuin aan het spelen, maar ik doe iets fout. Ik weet niet goed wat maar mijn vader-dader komt naar buiten en begint tegen me te schreeuwen. Ik krimp in elkaar, maak me zo klein mogelijk, bang voor de klappen die zullen komen. PATS! Daar is de eerste al op mijn achterhoofd. Ik voel een stekende pijn. “meekomen jij” zegt hij. Hij pakt me bij de arm en sleurt me hardhandig richting de schuur. Hij duwt me naar binnen en zegt: “Ga maar nadenken over je zonden”. Daar zit ik dan opgesloten in de schuur. Het is er bloedheet en al snel heb ik het veel te warm en enorme dorst. Ik ga maar op de betonnen grond zitten. Hoe lang moet ik deze keer? Een uurtje of een halve dag, je weet dat nooit.

Het is koud, midden in de winter. Nu ben ik binnen ik lees een boek en heb een glas ranja. Na een slok zet ik  op de tafel neer. Maar doordat ik lees kijk ik niet goed en mijn glas valt. Oh nee dat is niet goed en ja hoor daar is vader-dader al en ik heb al een klap te pakken. “Kijk uit je doppen uilskuiken, gedrocht niets kan jij goed doen”. Weer wordt ik bij mijn armen gepakt en naar de schuur gesleept. Nee oh goed nee, niet de kist. Maar ja hoor daar gaat de diepvrieskist al open. Vader-dader tilt me op en gooit me erin. De kou is snijdend. Hij zet een handschoen tussen het deksel en daar lig ik dan, als ingevroren kip. De kou gaat pijn doen aan mijn lijf. Het steekt, het brandt. Eindelijk mag ik eruit en hij sleurt me naar boven, daar zet hij me onder de douche en het water zo heet mogelijk. Weet je hoeveel pijn heel heet water doet op een totaal verkleumd lijf? Ik wel heel veel pijn.

Zomaar momenten die regelmatig voorkomen nog steeds vind ik het verschrikkelijk als het heel warm is of als ik het heel koud heb. Dan voel ik me heel onprettig en herinner ik me deze momenten en de pijn. Opgesloten worden is heel eenzaam, niemand die je ziet, niemand die je hoort.

Meer lezen? Zie mijn boek Het Duivelskind op bol.com of de bibliotheek.

Een herinnering dag 3 van de week tegen kindermishandeling

Bier, en shag, mijn hele jeugd heeft het een rol gespeeld. Mijn beide ouder-daders dronken elke dag bier, veel bier en beide rookte als een ketter. De kusjes van pappa en mamma stonken altijd naar bier en sigaretten. Ik weet nog dat pappa en ik een keer naar de supermarkt gingen, bier halen. Zoals altijd 2 kratten. Hij droeg me op de kratjes te dragen. Maar het was zo zwaar, het lukte me niet en ineens pats een klap recht voor mijn hoofd. Ik viel achterover. Oh wat schaamde ik me, iedereen zag hoe slecht ik was, wat een dom kind. Ze keken ook allemaal, gelukkig zei niemand iets. Akelig genoeg herkende ik wat mensen uit ons dorp, die wisten nu wat een stom kind ik was.

Opa-dader dronk ook, mijn vaders vader. En als hij dronk bakte hij spek. Zijn huis stonk altijd naar gebakken spek. Zijn vingers waren geel van het roken en hij stonk naar bier. Mijn vader-dader, mijn opa-dader, mijn moeder-dader ze zaten aan me en allemaal roken ze hetzelfde naar bier en sigaretten. Als ik op de bank tv keek tussen mijn ouders in zat ik tussen de sigarettenrook en glazen bier. Vaak begonnen ze in de middag al met drinken. Ik vergeet nooit meer die ene carnaval.

We waren uit, ik met hen samen zoals altijd. Ze dronken en dronken. Mijn vader-dader stond op de tafel met zijn lijf te schudden en zong puntje erin, puntje eruit. Mamma wilde naar huis, dat lalde ze. Ik moest mee van mijn vader-dader dus deed ik dat, ik zeulde mijn dronken moeder-dader naar huis. Halverwege viel ze. Haar gebit viel ze kapot en maar huilen. Ik schaamde me dood en probeerde zo snel mogelijk thuis te komen. Eenmaal thuis jankte en schreeuwde ze dat hij haar zou vermoorden. Ik wist niet wat ik moest doen en haalde dus de buurvrouw. Zei legde mamma in bed en zei komt wel goed. Toen mijn vader-dader thuis kwam ging hij naar de wc en riep kom eens Angélique en ik kwam. Van hem moest ik toekijken hoe hij alles onderkotste en uiteraard mocht ik het daarna opruimen. Vreselijk vond ik het allemaal maar ja ik had geen keus.

Alcohol heb ik nooit gedronken alleen al van de lucht wordt ik misselijk. Roken wel dat werd ook gestimuleerd door mijn ouder-daders tot ik met hen brak kreeg ik elke week shag van hen. Inmiddels ben ik bezig met stoppen. Ik heb ook gele vingers en verafschuwde de blik daarvan maar het roken had me te pakken en stoppen is o zo moeilijk. Toch ben ik daar nu mee bezig.

Een herinnering, dag 2 van de week tegen kindermishandeling.

Het is de eerste kerstdag, alles moet er spik en span uit zien en dus moet ik beginnen met poetsen. Ik pak een emmer water met sop en een schuursponsje en begin zoals dat hoort op mijn knieën de vloer te doen. Telkens een stukje verder met mijn schuursponsje. Het is een enorm en hels karwei om zo de hele woonkamer te poetsen. Daarna moet ik nog de wc met een oude tandenborstel  schoonmaken en het zilver poetsen. Eindelijk ben ik klaar en moet ik gaan douchen en mijn mooie kleren aan.

We gaan gourmetten, vader-dader, moeder-dader en ik. Er staan de meest lekkere dingen op de tafel en ik heb honger, door al dat poetsen was er nog geen tijd om te eten en ontbijt kreeg ik zo wie zo nooit. Ik pak een mooi stuk vlees. PATS! Daar heb ik een flinke klap tegen mijn hoofd te pakken, ik doe het fout, natuurlijk doe ik het fout, ik denk nooit na. Ik weet het zo goed, de man heeft het recht op het mooiste en grootste vlees. Ik ben maar een meisje hoe haal ik het in mijn hoofd niet nederig te zijn. Ik schaam me dood. Na een paar hapjes waar ik het toch weer fout doe wordt ik door vader-dader aan mijn haren van de tafel gesleurd en meegetrokken de trap op. En weer wordt ik opgesloten in de kast op de overloop, de sleutel wordt omgedraaid en daar zit ik dan weer een aantal uren. Ik heb het koud, heb honger en ben zo verdrietig, waarom kon ik niet beter mijn best doen? En die nacht als hij bovenop me ligt komt pas de echte straf, ik voel me verscheurd, kerst is niet fijn.

Jaren later, ik woon pas samen en ik pak een emmer met sop, een schuursponsje en ga de vloer doen. Mijn vriend, nu mijn man, komt binnen en is stomverbaasd. Wat ben je aan het doen vraagt hij. Ik denk nog dat zie je toch de vloer. Ja maar schat, dat hoort toch zo niet. Ik begin te huilen weer doe ik het fout. Heel rustig legt hij me uit dat dit met een dweil kan en we gaan de spullen daarvoor kopen. Opgelucht dat ik dit zware werk niet meer hoef te doen. Die avond doe ik het zoals het hoort en geef ik mijn man het mooiste en grootste stuk vlees.

Meer lezen? Zie mijn boek Het Duivelskind op bol.com of de bibliotheek.

Een herinnering, dag 1 van de week tegen kindermishandeling.

Het is de week tegen kindermishandeling en net zoals andere jaren ga ik hier op mijn manier aandacht aan besteden. Dit jaar zal ik jullie elke dag een herinnering vertellen om te laten zien hoe leven met incest en kindermishandeling is. Vandaag dag een.

Rustig ben ik aan het spelen, zoals altijd rustig omdat ik altijd bang ben op te vallen, En als ik opval voor mijn vader-dader dan is er altijd wel iets fout. Dus probeer ik zo onzichtbaar mogelijk te spelen. Vandaag is hij best in een goed humeur, mijn vader en dat is zeldzaam. Zou ik dan vandaag rust hebben? Dan hoor ik zijn stem, kom eens bij pappa zitten. Ik begin te rillen, bij pappa zitten is meestal niet zo leuk. Ik loop snel naar hem toe, wetende dat ik geen keus heb en wetende dat hij boos kan worden als ik niet snel genoeg ben.

Hij trekt me bij zich op schoot. Ik verstijf daar kan ik niks aan doen dat gebeurt gewoon. Hij wil me een kus geven en dat wil ik niet maar hij doet dat toch. Ik ruik zijn adem bier en shag en dat eeuwige spul in zijn haren. Eerst een zoentje op mijn wang, maar dan waar ik zo bang voor ben. Op mijn mond en met geweld duwt hij zijn tong naar binnen. Dat is zo vies en het voelt altijd of ik geen adem meer krijg, of ik stik. Dan komen zijn handen, handen waarvan ik inmiddels elk lijntje ken. Hij duwt een hand in mijn onderbroekje en gaat met zijn vinger naar binnen. Dat doet pijn het schrijnt nog van gisteren en nu moet het alweer. Ik houd me heel stil hopend dat het snel voorbij zal zijn. Huilen kan niet dan krijg ik straf.

Dan mag ik weer van schoot af en heel stil ga ik weer spelen. Ik speel met mijn barbies en speel wat ik denk dat heel fijn zou zijn, met Ken en barbie en het kindje. Ze doen leuke dingen samen en zijn lief voor het kindje. In mijn hoofdje raast het intussen door. Zou ik klaar zijn voor vandaag of komt hij vannacht nog naar me toe, mijn pappa.

Meer lezen? Zie mijn boek Het Duivelskind op bol.com of de bibliotheek.

De week tegen kindermishandeling

Maandag (20 november) begint de week tegen kindermishandeling. Dat werd georganiseerd door de taskforce kindermishandeling en seksueel misbruik. Helaas is deze (nog steeds broodnodige) taskforce opgeheven. De organisatie is dit jaar in handen van Movisie. Het thema dit jaar is Verbind voor het kind. De nadruk ligt dit jaar op de professionals. En dat is aan de ene kant goed. Er is veel aandacht voor signaleren en preventie en dat is uiteraard de eerste stap op weg naar herstel. Is er ook genoeg aandacht voor de gevolgen? De hulpverlening faalt nog vaak als het om PTSS en dissociatieve stoornissen gaat. Nog veel te vaak krijgen slachtoffers te horen dat er niets meer gedaan kan worden en dat ze zo maar moeten leren leven. Funest voor het toch al zo broze vertrouwen wat we in onszelf en de ander hebben.

Bovendien klopt het niet, we zijn geen hopeloze gevallen er is zeker een weg beschikbaar naar herstel, deze is echter vaak moeilijk te vinden. En nog regelmatig gebeurt het dat er foutieve diagnoses worden gesteld zoals borderline. Ik weet uit ervaring hoe dat is als ze tegen je zeggen dit is je leven leer er maar mee leven. Bij mij ging echt het licht uit, ik werd wanhopig en wilde niet meer leven. Helaas ken ik ook lotgenoten die inderdaad niet meer leven omdat er geen enkel uitzicht meer voor ze was. Ik heb doorgevochten en weet nu dat er echt leven is na seksueel misbruik en dat een dissociatieve stoornis niet elke dag je leven hoeft te bepalen.

Jammer dat de nadruk dit jaar alleen op de professional ligt. Want kindermishandeling bestrijden we allemaal samen. De eerste signalen liggen vaak bij familie, bij buren bij jou en mij. Durven we dan iets te doen? Vaak niet omdat we bang zijn voor een valse beschuldiging, voor de gevolgen. Toch is een onderbuikgevoel vaak kloppend. Laat een kind niet alleen staan, een beetje aandacht kan al een verschil maken. Hoor en zie een kind, luister naar een kind. Laat merken dat je er bent. Dat maakt al dat een kind zich minder eenzaam voelt. Want eenzaam ben je als je een groot geheim bij je draagt wat je van de dader aan niemand mag vertellen. Ik weet nog hoe diepongelukkig ik me voelde als mijn vader-dader me sloeg in het openbaar. Niemand zei of deed iets. Het gaf me het gevoel dat het zo hoorde, dat ik echt een slecht kind was. Dat gevoel wilt u een kind toch niet geven?

Vanaf maandag zal ik elke dag een blog plaatsen met een herinnering. Ik hoop zo bewustwording te creëren wat het betekent en wat het met een kind doet. Lees je mee volgende week?

Spiegel

Op mijn slaapkamer staat een kaptafel met een grote spiegel. Elke dag douche ik en was ik mijn haren. Dan laat ik mijn haren zo drogen. Als ik ergens heenga waar ik er netjes uit wil zien dan kan het niet anders en föhn ik mijn haren. Verschrikkelijk vind ik dat omdat ik dan in de spiegel moet kijken, ik kan niet anders ik moet toch zien wat ik doe. Make-up gebruik ik nooit dat betekend intensief in de spiegel kijken. Kleren kopen in een winkel ik zo moeilijk, om te zien of het past en het me staat moet ik wel dat pashokje met de spiegel in. Liever koop ik op internet mijn kleren, pas het thuis en vraag dan aan mijn man staat dit? In de hoop dat hij eerlijk antwoord geeft. Tanden poetsen en haren kammen is ook een dingetje in de badkamer hangt een spiegel. Gelukkig ben ik klein zodat ik niet mezelf goed in die spiegel zie.

Jarenlang is me elke dag verteld hoe lelijk ik ben en eigenlijk kan ik ook niets anders zien als ik in een spiegel kijk. Dubbele kin, saai gezicht, lelijk dik lijf, dat is wat ik zie. Geschonden lijf dat jarenlang gebruikt en misbruikt is. Zolang ik maar niet in een spiegel hoef te kijken kan ik wel met dit omhulsel leven. Mijn moeder was 53 toen ik haar voor het laatst zag, zelf ben ik nu 47. Kijk in de spiegel dan zie ik haar, ik lijk als twee druppels water op haar. En dat is moeilijk ik wil haar niet zien, niet er elke keer weer aan herinnerd worden als ik in die stomme spiegel kijk.

Maakt het me dan niet uit hoe ik eruit zie? Zeker wel, ik ben dol op mooie kleren en doe ook erg mijn best leuke kleren in mijn maat 48 te vinden. Geen vormloze zo wijd mogelijke kleren maar leuke kleren in mooie kleuren. En sinds 2 jaar ook jurken, sterker nog ik ben inmiddels dol op jurken. Het is niet altijd even gemakkelijk in grotere maten leuke kleding te vinden die betaalbaar is maar het kan wel. Elke 6 weken komt de kapster dus ik hou het wel bij allemaal.

Als je je halve leven hoort dat je een niemand bent, een gedrocht, lelijk bent, een duivelskind, dan is dat moeilijk los laten. Dat ik medicatie heb die me dik maken en dat streng lijnen niets oplevert maakt het allemaal niet makkelijker. Ik vind het erg moeilijk blij met mezelf te zijn of in een spiegel te moeten kijken en vermijd het dan ook waar ik kan. Soms moet je wel en dat blijft confronterend. Ik weet niet of mijn verhouding tot de spiegel ooit beter zal worden. Ik doe in ieder geval mijn best en meer kan ik ook niet doen. Spiegels zijn er overal dus ik zal het er mee moeten doen en dat doen we dan ook maar.

Incest van je kruin tot je tenen

 

Incest bekruipt je van je kruin tot je tenen. Incest is een monster wat je helemaal opvreet. Als kind ben je totaal afhankelijk van de volwassenen om je heen. Zij moeten je begeleiden naar je volwassen leven. Zij moeten je leren wat vertrouwen is, wat liefde is, wat zelfvertrouwen is, wat zelfstandig denken is en ga zo maar door. Maar wat als ze je heel andere dingen leren? Wat als degene die je het dichtste bijstaan je aanranden, verkrachten, mishandelen, uitschelden? Wat als je elke dag te horen krijgt dat je niets waard bent, nooit geboren had mogen worden, je slecht bent, lelijk bent? Wat als dat wat het meest intieme is, je lichaam, geschonden wordt, gebruikt wordt? Dan leer je dat niemand te vertrouwen is, dat volwassenen om je heen pijn betekend. Dat liefde niet bestaat, dat eigen denken een utopia is, dat je niet mag bestaan.

Ik noemde de man in ons huis pappa en de vrouw mamma, niet wetend wat dat hoort in te houden. Voor mij was pappa een man die je slaat, schopt, opsluit, je lichaam binnendringt, je vernederd tot op het bot. Mamma was een vrouw die er was en eigenlijk niet was. Ze stond erbij en keek ernaar, logisch vond ik toen, ik had het immers allemaal verdiend. Als dan ook nog de familie geen enkele kik geeft als pappa je slaat en uitscheld, bevestigen alle volwassenen in je leven dat het waar is, jij verdient het, je bent slecht. Incest is een gevangenis waarbij het kaartje uit en ontsnappen niet bestaat. Je wordt verteerd van binnen, je lijf voelt niet meer als van jouw. In je hoofd hoor je zijn stem bij alles wat je doet.

Dan komt het moment dat het stopt, de incest ophoud. Maar zoals ze zeggen je kunt het kind uit de oorlog halen maar de oorlog niet uit het kind geld dit ook voor incest. Het zit in je van je kruin tot je tenen. De film blijft zich herhalen voor je ogen. Zelfvertrouwen is er niet en vertrouwen in mensen al helemaal niet. Zelfs de letterlijke lichamelijke pijn verdwijnt niet die is opgeslagen. Je angst is nog net zo groot al is die niet meer realistisch. Je leeft niet maar overleeft en de enige strategie daarvoor is die je als kind geleerd hebt. Je houd dus eigenlijk in je hele wezen de incest in stand.

Dan komt het gevecht tegen je demonen. Het is een hele moeilijke en zware strijd. Dat gezin waarin seksueel misbruik, lichamelijke en psychische mishandeling een gewone dag was, is je basis. Er is niets zo moeilijk als leren dat je basis helemaal verkeerd is. Als je van een huis de fundering, de basis verwijderd stort het huis is. Als je de basis van een mens wil verwijderen stort de mens in. En vanuit die puinhopen moet je opnieuw gaan bouwen. Leren dat je op jezelf kunt vertrouwen. Leren dat je lijf van jouw is. Leren zelf te denken en beslissingen te nemen. Leren wat liefde is en je stukje geluk pakken. Incest bekruipt je van je kruin tot je tenen. Incest is een monster wat je kunt verslaan!

Het hele niersteen verhaal

Het begon op 10 mei, ik werd in de nacht wakker met pijn in mijn rechternier. Huisartsenpost gebeld, slikt u maar paracetamol en kijk hoe het over een uurtje is. Nou precies hetzelfde dus wij naar de HA-post. De waarden in mijn bloed en urine werd gemeten en de arts dacht aan nierbekkenontsteking. Ondanks dat ik verder niet doodziek was en geen koorts had wat daar wel bij hoort. Ik heb wel tegen de man gezegd ik heb meer pijn dan u kunt zien want door mijn verleden kan ik niet goed pijn uiten. Maar goed ik kreeg antibiotica. Heel erg fijn want daarvan kreeg ik diarree zo erg dat we 2x per nacht mijn lakens moesten verschonen en ik kreeg een vaginale schimmelinfectie. Pijn in dat gebied het triggerde alles wat het maar kon triggeren. Samen met Dirk en mijn man lukte het me niet op straat terecht te komen.

Maar de pijn in mijn nier bleef dus 1 ½ week later naar de huisarts. Die zei meteen nierstenen en gaf me voor het weekend een cocktail medicatie mee en stuurde me dezelfde dag naar het ziekenhuis. Daar naartoe en inderdaad de radioloog constateerde een vastzittende grote niersteen en nierstuwing. De man zei jij moet meer pijn hebben dan je nu aangeeft. Hij belde direct de uroloog en ik moest meteen door naar hem. De uroloog zei meteen u krijgt 2 operaties, ik schrok me rot. Ben nog nooit geopereerd (gelukkig maar) De eerste zou de week erop al zijn dat moest met spoed.

Van tevoren krijg je een gesprek met o.a. een verpleegkundige. Ik gaf daaraan dat ik een misbruik verleden heb en ernstig bezwaar heb tegen gemengd verplegen en dat ik graag mijn hulphond bij me zou willen. Tot mijn verbazing werd er meteen een eenpersoonskamer geregeld waar Dirk ook op mocht. Verder gaf ik aan dat ik niet door een man gewekt wilde worden op de uitslaapkamer. Op 24 mei was de operatie en omdat alles zo goed afgebakend was, was ik niet eens zo heel erg nerveus. Het ging allemaal goed er werd een JJ-katheter geplaats die de omhooggeduwde steen op zijn plaats moest houden en de urine doorloop moest garanderen. Dat is een inwendige katheter tussen je nier en je blaas die in beide organen zit met een krul. Wat niemand me echter verteld had is dat je daarmee flink blaaskrampen kreeg en pijn bij het plassen en dat je het ding voelde zitten. Dus ik weer volledig in paniek. Had de uroloog dit van tevoren uitgelegd dan was er minder paniek geweest (heb ik hem later ook gezegd) Het voelde of er 24 uur per dag iemand in je kwam en je kunt me met mijn verleden indenken wat dit doet. Na 3 dagen kreeg ik gelukkig medicijnen tegen de blaaskrampen maar het pijn bij het plassen en dat je dat ding voelt zitten bleef.

Eindelijk volgde op 21 juni de tweede operatie hierbij zouden de nierstenen via mijn rug verwijderd worden. Ik moest om 7.30 nuchter komen en had uiteraard weer Dirk en mijn man bij. Ik ging eerst naar radiologie waar een nierkatheter aangebracht werd, geen pretje kan ik je vertellen dat doet gewoon pijn. Maar het lukte en toen moest ik wachten tot ik om 14.30 geopereerd zou worden. Dat ging helaas niet goed, al meteen nadat de narcose werd toegebracht kreeg ik long en ademhaling problemen. De longarts werd erbij geroepen en na 2 uur hadden ze dat onder controle. Pas toen kon de eigenlijke operatie beginnen. Die ging gelukkig goed en heel fijn door mijn verleden werd er besloten geen urinekatheter in te brengen wat wel gangbaar was. Toen ik wakker werd was ik net als de vorige keer misselijk en deze keer ook erg suf maar had geen pijn en geen last van mijn longen. Om 18.00 uur was ik terug op mijn kamer. Dirk en mijn man waren er ook. Die zijn tot 20.00 uur gebleven. Dirk bleef niet slapen. De nacht ben ik goed doorgekomen geen dissociëren. Vond mijn eigen kamer wel heel fijn en veilig daarin, veel wakker geweest. En donderdag morgen mocht ik al naar huis gelukkig. Eindelijk na 4 weken geen pijn bij het plassen meer die JJ-katheter was er ook uitgehaald bij de operatie. En net als bij de eerste operatie een vrouwenteam om me heen op de uroloog na. Wat een geweldig ziekenhuis het Elkerliek in Helmond.

Nu zijn we een week verder en ik voel me goed. Ik krijg nog wel op 31 juli een longfunctie test omdat ze willen achterhalen of het nu pech was, een allergische reactie of misschien COPD. Dat is nog wel even spannend maar voor nu ben ik gewoon blij pijnvrij te zijn en overal vanaf te zijn.