• Chaos

    Het is 6 juli rond 19.30 als Nederland stilvalt, als we verbijsterd zijn, ongeloof, is dit echt? Ja het is echt, na Fortuin, van Gogh, Wiersma is ook nu Peter R de Vries neergeschoten. Zomaar in een drukke stad, tussen allemaal mensen valt er een reus neer. Eerlijk?

  • Dirk 5 jaar mijn maatje

    Vandaag precies 5 jaar later, weet Dirk inmiddels al heel goed dat dit zijn thuis is. Hij is mijn rots in de branding, mijn maatje, mijn beste vriend, mijn spanningsmeter, mijn steun, mijn gedachtelezer. Je kan de band met een hulphond haast niet uitleggen.

  • Geluk gehad of toch….

    Hij kwam binnen en we gingen tegenover elkaar zitten. Bewust van mijn kant, een stukje afstand én zo kan ik iemand recht in de ogen aankijken. Ik keek in de meest lieve, zachtaardige, bruine ogen die ik ooit gezien had

  • Geen geheimen meer

    Met het uitkomen van mijn tweede boek ‘ik was het duivelskind’ heb ik mijn hele leven zo ongeveer op straat gelegd. Een beslissing die ik samen met mijn man genomen heb. Zeker praten over onze schulden (waar maar enkele mensen in onze omgeving van wisten) en onze seksualiteit was een grote beslissing. Daar praat je niet over, dat gaat gepaard met een stuk schaamte en ook schuldgevoel.

  • Rollercoaster

    Maar de foto die Harmen de Jong voor Mezza van Tonnie en mij maakte ontroerde me enorm. Ik werd er diep door geraakt, de zachtheid en de liefde in mijn eigen ogen. Toen ik hem voor het eerst zag moest ik huilen, dat is me bij een foto nog nooit gebeurt. En voor het eerst hangt er nu dus een foto aan de muur van mezelf. Voor mij is dit werkelijk een reuzestap. En ik kijk er nog steeds met ontroering naar, het roept gevoelens bij me op die ik niet herken, voor het eerst durf ik mezelf te zien.

  • Vergankelijk

    De puinhopen van al die jaren die je meemaakte. Een wirwar van pluizen die maar niet willen verwaaien. Die blijven plakken aan de kern van je bestaan. Dat ene pluisbolletje staat op een enorme hoge berg die bijna niet begaanbaar is. Maar toch begin je aan de klim.

  • De politie, zo vaak mijn redding

    Telkens weer zochten ze me, met of zonder burgeralert of hulp van burgers. Telkens weer met een engelengeduld spraken ze me aan, namen me aan de hand en leidde me hun auto in op weg naar huis. De schaamte en de sorry van mijn kant al ik me realiseerde dat ze weer eens thuisbrachten. De frustratie aan hun kant dat de situatie maar bleef bestaan.

  • Dissociëren de rode draad door mijn leven

    Ik vind het fijn de puzzelstukjes te krijgen maar ook verdrietig. Het geeft me het besef hoe moeilijk ook mijn jeugd was en daarna. Hoe hard ik ook dissociëren nodig heb gehad om te kunnen overleven. Hoe belangrijk voor mij deze mogelijkheid om te ontsnappen is geweest en soms nog is

  • Niet lief als baby?

    Hoe kun je nu in hemelsnaam een baby al haten, kwalijk nemen dat ze er is? Het antwoord zal ik nooit krijgen en begrijpen zal ik het ook nooit. De band tussen een moeder en dochter was er ook niet in de eerste maanden. Mijn moeder lag 3 maanden in het ziekenhuis, terwijl ik al thuis was