Praten over seksualiteit
Na #MeToo is het nu weer actueel, bekende en onbekende Nederlanders buitelen over elkaar heen om ons te vertellen wat ze denken, hoe zij denken dat het moet. Grensoverschrijdend gedrag een van de meest gehoorde woorden de afgelopen weken. Laat ik duidelijk zijn, er moet een verandering in de maatschappij komen, een grote nee voor overschrijdend gedrag. Maar onze seksualiteit is al jaren een no go. We zijn een best preuts volkje geworden. Deze discussies maken dat het open praten, er niet makkelijker op wordt.
“In mijn boek Ik was het duivelskind, heb ik na intens overleg met mijn man, besloten open te zijn over onze seksualiteit na mijn misbruikverleden.
Een citaat uit mijn boek:
“Een man heeft recht op seks, vind ik, maar Erik denkt daar anders over, hij ziet het als een voorrecht, geen recht. ‘We doen het niet meer, we zoeken andere manieren. Je hoeft echt niet bang te zijn dat ik hierom bij je wegga. Seks is fijn, maar je bent zoveel meer.”
Ik heb gemerkt dat seksualiteit door hulpverleners niet aangekaart werd en zelfs vermeden. Terwijl ik toch met heel veel vragen zat. Zo wist ik jaren niet dat je lichaam, ook bij gedwongen seks, kan reageren. Wat een schuldgevoel had ik want dan wil ik het toch zelf? Ik associeerde klaarkomen met geweld en dwang. Logisch het was het enige wat ik kende, tot ik mijn man echt leerde kennen.
Citaat uit mijn boek:
“Om klaar te komen heb je trouwens geen geslachtsgemeenschap nodig. Erik laat me voelen hoe dat voelt als je niet gedwongen wordt. De eerste keer weet ik werkelijk niet wat me overkomt, de sensatie dat je lichaam trilt en golft.”
Door ook dit onderwerp niet te schuwen hoop ik dat het bespreekbaar wordt. Hoop ik dat lotgenoten lezen dat zij niet de enige zijn en ontdekken dat hun schuldgevoel totaal misplaatst is. Wat ik ook hoop is dat de hele discussie die nu gaande is er niet voor zorgt dat we krampachtig met elkaar om zullen gaan. Dat de knuffel van genegenheid voor de ander, de knuffel van troost blijft. Voor mij is het simpel ik vraag het altijd “mag ik je een knuffel geven?”. Om zo niet de grens van de ander over te gaan. Laten we genegenheid, empathie niet verwarren met grensoverschrijdend. Laten we om elkaar geven en elkaar in onze waarde laten. Laten we vooral niet vergeten dat we elkaar nodig hebben. Voor iedereen die dit wil een knuffel van mij.


