kindermishandeling,  PTSS,  seksueel misbruik

Het grote er niet zijn…

Op de straat loopt een klein meisje, ze loopt met haar hoofd en schouders gebogen. Ze heeft haar duim in haar mond en in de andere hand klemt ze een knuffelbeer tegen haar lijf aan. Het is midden in de nacht. De straten glinsteren van de sneeuw die er overal ligt. Het meisje heeft een pyjama aan. Ze is vergeten schoenen aan te trekken en loopt met haar blote voeten door de sneeuw. Ze bibbert over haar hele lijf, maar de kou voelt ze niet. Haar vingers en tenen kleuren zijn vuurrood. Ze weet niet dat het nacht is, ze weet niet dat het sneeuwt, ze weet niet waar ze loopt, ze weet niet waar ze naar toe gaat.

Het enige wat ze voelt is doodsangst. Voor haar pappa die haar elke dag weer pijn doet. Die haar slaat en telkens roept hoe slecht ze is. Die naar haar slaapkamertje komt, boven op haar gaat liggen en in haar komt. Over haar wangen lopen een paar eenzame tranen. Het enige wat ze kan denken is, dadelijk komt hij me pakken. Grijpen zijn grote handen overal over mijn lijf. Staren zijn donkere boze ogen me aan, dat diepe donkere wat er in zijn ogen ligt. Ze voelt geen verdriet, geen pijn. Ze loopt door in het grote niets, in het grote er niet zijn.

Ze is zo verschrikkelijk moe en gaat even zitten in de koude sneeuw. Ze wiegt zachtjes heen en weer en prevelt doe me geen pijn, doe me geen pijn. Zich niet bewust van wat ze zegt, wat ze doet. Ver in haar bewustzijn hoort ze een stem die steeds ietsje luider wordt. Ze ziet langzaam de contouren van een mens voor zich. Het beeld wordt wat scherper en ze herkent het uniform. Eindelijk kijkt ze op en hoort de man vragen: “hoe heet je?”. Ze piekert en piekert en kan er even niet opkomen. De man reikt haar de hand en aarzelend neemt ze hem aan. Hand in hand lopen ze samen naar de auto toe en ze gaat achterin zitten. Zittend in de warme auto met mensen die tegen haar praten groeit ze telkens een beetje meer. Ze bibbert nog steeds maar nu begint ze kou te voelen. Ze begint zich bewust te worden van waar ze is.

Ze stoppen voor het huis waar ze woont. Als ze uitstapt is ze een volwassen vrouw geworden. Een vrouw die zich diep schaamt voor de agenten die met haar mee naar de voordeur lopen. Een vrouw die nu wel verdriet voelt. Als haar man de deur opendoet stort ze zich in zijn veilige armen en nu komen ook de tranen, sorry prevelt ze zacht tegen hem. Ze voelt zich verwart en is blij met nu de kop koffie voor haar neus. Zomaar een moment, een moment van de weg kwijt zijn. Dit heeft een naam dissociëren. Zo maar een moment in het leven van een vrouw met een dissociatieve stoornis……….

2 Comments

  • Henri van Gelder

    Bijzonder goed en realistisch geschreven! Heel herkenbaar. Meerdere van m’n cliënten bevinden zich in een dergelijke situatie van knokken om in het hier en nu te blijven terwijl de dissociatie zo makkelijk getriggerd wordt.

  • Teus de Jong

    Waanzinnig goed geschreven. Ik had het niet door. Zo heb ik onze pleegdochter meerdere malen meegemaakt. Een peuter in een volwassen jonge vrouw. Dank.

Ik zou het leuk vinden als je een reactie achterlaat

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: