Mijn grote geheim
Als kind had ik een groot geheim waar ik met niemand over durfde te praten. En nee mijn grote geheim was niet dat ik bijna elke dag mishandeld werd, dat ik vrijwel elke dag seksueel misbruikt werd. Dat was “gewoon” maar mijn grote geheim was dat ik een vreselijk slecht kind was. De angst dat anderen het aan me zagen, maakte dat ik stil, angstig en teruggetrokken was. Als je als kind elke dag weer te horen krijgt hoe slecht je bent, dat je niet lief bent en in mijn situatie dat je een duivelskind bent, dan is dat jouw waarheid. Dat ik gestraft werd, dat was in mijn ogen niet fout. Als mijn vader in de nacht naar mijn kamertje kwam en mij verkrachtte dacht ik niet, waarom doe je dit, waarom doe je me pijn, het is zo fout wat jij doet. Nee ik dacht, waarom kan ik niet liever zijn, waarom doe ik niet beter mijn best, wat is er toch mis met mij?.
Als ik weer eens urenlang in mijn eentje opgesloten zat in de donkere kast op de overloop, huilde ik bittere en stille tranen. Waarom lukte het me maar niet om een goed kind te zijn? Zo vaak hoorde ik het mijn vader roepen, met zijn armen naar de hemel gehesen, “waar heb ik jou in godsnaam aan verdient, wat ik heb ik fout gedaan om met zo’n kind opgescheept te zitten”. Ik voelde dan intens verdriet om mijn vader, had medelijden met hem dat hij mij had. Als ik weer eens in de hoek stond als we bij opa en oma op bezoek waren en de hele familie zag hoe hij me hardhandig afsloeg was mijn schaamte bijna te groot om te dragen.
Dat ons werkelijke geheim was dat mijn vader, en later ook moeder mij misbruikte, aanrandde en verkrachtte. Dat ze me sloegen, schopten, dat ze me vaak genoeg niet eens eten gaven kwam gewoon niet in me op. Dat er nu prentenboekjes zijn en nog komen, dat het klokhuis er aandacht aan besteed, dat er boekjes zijn die uitleggen, dat is zo enorm belangrijk. Voorlichting aan de kinderen zelf kan niet vaak genoeg gebeuren. Kinderen moeten weten dat niet zij fout zijn, niet zij schuldig maar de volwassenen die hun pijn doen op welke manier dan ook. We moeten niet alleen over kinderen, maar vooral MET kinderen blijven praten. Kinderen weerbaarder maken zodat ze hun ervaringen durven te delen. En niet zoals ik 25 jaar lang denken dat het geheim is dat ik besta en dat dit beter nooit had kunnen gebeuren.


